In een ‘verstrooide’ bui het damestoilet binnengaan (omdat de ‘heren’ om kwaliteitsredenen tijdelijk de Michelinsterhad moeten inleveren), was minder erg dan het onuitgenodigd betreden van het computerlokaal van het ROC waar ik werkte. Bij de eerste blunder kan de leeftijd van de overtreder als verzachtende omstandigheid worden gezien, maar bij het pc-lokaal ligt de zaak ernstiger, hier kan uitsluitend van kwade opzet sprake zijn. Het delict kan dan ook niet onbestraft blijven. De bedoeling van de zeer royaal aanwezige fraaie apparatuur-van-de-laatste-generatie is dat zoveel mogelijk leerlingen tegelijkertijd de mogelijkheid hebben om werkstukken e.d. te maken of informatie op te zoeken die nodig is om (toeristische) lesstof te completeren. De collega-docenten waren allen uiterst gelukkig met het enorme enthousiasme waarmee de studenten de pc’s en flatscreens omarmden. Letterlijk omarmden zo bleek.
Uit eerlijke nieuwsgierigheid wilde ik wel eens van dichtbij zien hoe het nijvere volkje dat zich enkele jaren geleden nog onder mensonterende omstandigheden moest behelpen met planken vol Winkler Prins-, Oosthoek- en Brittanica-encyclopedieën, nu in een fractie van tijd de meest fraaie scripties uit printers lieten rollen, in alle mogelijke kleuren, lettertypes en lettergroottes zonder de inhoud gelezen te hebben. De glazen wand van het pc-lokaal was weliswaar een flagrante inbreuk op de privacy van de gebruikers, maar het voordeel voor de hondsbrutale docent was dat hij niet hoefde aan te kloppen op de - overigens altijd openstaande - deur of niet luid ‘volk’ hoefde te roepen voordat hij ongevraagd dit domein van aanstaande Nobelprijswinnaars betrad. Hij was al gesignaleerd door oplettende schichtige pc-liefhebbers die kennelijk speciaal voor dit doel naast de pc’s stonden met de blik op de glazen wand. Alleen in Noord-Korea en China werkt men nog met deze oer-manier van waarschuwen voor onraad. Als door een wesp gestoken, wierp men massaal het jack over de monitor, werd de rugzak als screensaver ingezet en maakten breedgeschouderde heren zich nog breder om te voorkomen dat er iets van de teksten leesbaar was. Geen spoor van een uitnodiging naar mij om een bijna voltooid werkstuk nog van een wijze raad te voorzien, van een hevig transpirerend meisje dat mij smekend vroeg om nog één keer uit te leggen hoe de overbagageregeling bij luchtvaartmaatschappijen werkt, of van iemand die de namen van de Baltische Staten maar niet kon onthouden. Niets van dat alles, uitsluitend op alle mogelijke manieren afgeschermde flatscreens.
Was ik per ongeluk de War-room van Het Witte Huis binnengewandeld? Nee, men keek alsof ik me verkleed als naturist of als verdwaalde alienonder hen begaf. In een foute film zou iemand de deur hebben afgesloten en de betreffende indringer hebben uitgeschakeld. Ik nam geen risico en verliet bij gebrek aan adhesie het gezelschap dat enkele seconden later, zo zag ik, uiterst gemotiveerd verder ging met…, ja met wat?
Jan Willem Duns
Amsterdam
juni 2010
Klik hier om terug te gaan naar het overzicht.
Een kijkje in het pc-lokaal van het ROC
> Bekijk alle artikelen