Uiterst tevreden was ik met mijn fraaie collectie perfect werkende schrijfmachines, en er waren nauwelijks opmerkingen van opdrachtgevers over de - al dan niet wat versleten - linten of over het ontbreken aan keus in lettertypen. In een jolige bui gaf ik mijn historische Remmington nog wel eens opdracht, na het overzetten van een hendeltje, het rode deel van het lint te activeren. Zo’n stuk tekst, overzicht of rapport zag er dan ineens een stuk vrolijker uit met af en toe een regeltje in het rood.
Toen de opmerkingen van ‘schrijvende’ collegae steeds vaker gingen over ganzenveren en postkoetsen als ze mij ergens in een ver buitenland aan het werk zagen, besloot ik dat het tijd werd voor oriënterende gesprekken met de wereld van pc’s en tekstverwerkingsprogramma’s.
Ontelbare collega’s hadden mij al verzekerd dat zo’n apparaat de enige sleutel was tot succes voor freelance journalisten die niet de beschikking hebben over aircokantoren met aircodames die op zacht zoemende toetsenborden teksten tot leven brengen.
Een groot deel van de vakbeurs was gevuld met pc-fabrikanten uit Japan en omgeving. Allen hadden hun stands fraai ingericht met mysterieuze zilverkleurige apparaten die in niets nog leken op mijn vertrouwde zwarte meesterstukken thuis. Bij de meeste zaken stond een zeer aantrekkelijk verre-oosten-meisje met een 1001-nacht-glimlach waar je als KLM-passagier slechts van kan dromen.
De heren op de stands, die het echte werk moesten doen, waren overduidelijk made in Holland. Het blauwe pak was fraai, het shirt zo uit de verpakking gehaald, je kon zien waar de speldjes hadden gezeten. De das, al dan niet met bedrijfslogo, was zo gestrikt dat ze hem ‘s avonds los konden schuiven en zonder het risico om een nieuwe knoop te moeten maken hem de volgende dag weer konden omdoen alsof hij vers gestrikt was.
Ik was al zo’n vijf stands van grote merken langs gekomen, maar de heren verkopers waren toch vooral erg druk met elkaar en met hun koffie. Het is net als met het kijken naar een nieuwe auto op een Salon de Voitures, op het moment dat je voor de zoveelste keer verzocht wordt minimaal vijf meter afstand van de voiture te houden, begint je interesse exponentieel af te nemen en sta je eigenlijk al met één been richting garderobe. Zo ook op deze ict-beurs, maar een sprookjesachtige fee van Canon doorzag mijn ontsnappingspoging en kwam naar mij toe. “Do you want me to demonstrate this beautiful word processor to you”? In vijf seconden redde zij de situatie en ik liet weten very interested te zijn. Het is helaas nooit iets tussen haar en mij geworden, want een blauw pak met blond haar plaatste zich tussen mijn prachtige reddende engel en mij en zei: “I will take over this gentleman” met een wegwuivend handgebaar. Ze boog licht naar mij en verplaatste zich onhoorbaar drie treetjes hoger naar een pc-showmodel.
“Die krijgt u er niet bij hoor”, glimlachte het blauwe pak mij ontmoedigend toe. “Het lijkt me wel een fantastische USP als dat wel zo zou zijn”, zei ik onverstoorbaar. Ik wist zeker dat hij geen idee had wat USP betekent, maar ik moest nog wat nuttige info van het blonde blauwe pak hebben en vond dit niet het juiste moment om een college basisbeginselen marketing te geven.
“Meneer is op zoek naar een pc en wat denkt u daarmee te gaan doen”? Het blonde blauwe pak keek mij aan met zo’n blik die je van een Ferrari-verkoper krijgt als je uitsluitend om een brochure vraagt. “Ik zou graag van u horen wat ik ermee kan doen” wierp ik terug.
“Meneer gaat dus naar een pc-beurs en weet niet wat hij wel of niet wil” zei het bbp. “Ik schrijf af en toe wat”, lichtte ik toe, “en dat doe ik tot en met vanochtend op een typemachine en dat bevalt mij uitstekend”. Het bbp draaide zich om naar een voorbijlopende collega en zei: “deze meneer doet het nog met een schrijfmachine”. De collega vond deze opmerking zo merkwaardig dat hij zijn koers wijzigde en tegenover mij kwam staan.
“En zit u dan voor het raam met uw typemachine en laat u zich dan door de VVV betalen”? sprak de collega. “Men zal wel in dikke rijen staan om dat te zien”, vulde het bbp aan.
Ik keek naar mijn oosterse fee een paar treedjeshoger en moest opeens denken aan de tekst waarmee mijn leraar vroeger in de klas de vrede probeerde te bewaren: ‘Aequam memento rebus in arduis servare mentem’, zorg ervoor in moeilijke omstandigheden uw kalmte te bewaren. Wat een verspilling om zo’n prachtig wezen de hele dag naast zo’n dooie pc te zetten. “U wilt dus een pc met alleen een tekstverwerkingsprogramma. Dat zou ik niet doen als ik u was, daar krijgt u heel gauw spijt van”. Berouw in dit prille stadium was het laatste wat ik wilde: “kunt u het zo regelen dat ik geen spijt krijg” vroeg ik resoluut. “Dat ligt helemaal aan u” sprak het bbp volgens het sales-boekje. Hij pakte een lijst en een fraaie vergulde pen.
“Ik zal u een paar vragen stellen en daarna vertel ik u wat u wel of niet moet doen”. Ik trok een geïnteresseerd gezicht. “Waarvoor wilt u uw pc gebruiken”? Ik antwoordde dat ik hoofdzakelijk reisreportages maak. Hij schudde zijn hoofd en zette ergens op het formulier een stipje. “Hoe is het met de fleet”? Ik had geen idee wat hij bedoelde. Hij sprak het nog een keer uit, maar dan op dicteersnelheid: d e f l e e t. Net toen ik wilde antwoorden dat het gelukkig goed met me gaat kreeg ik een herkansing. “Are you a fleet owner”, hij las nu letterlijk van het formulier, “hoe groot is uw wagenpark?” Ik dacht met verlangen aan mijn Austin Healy Sprite. Ja, en dan stond er bij een boer nog een deux-chevaux die ik daar tijdelijk geparkeerd had toen de Austin Healy plotseling in mijn leven kwam. Maar om nou te zeggen dat ik een fleet-owner ben… “Er is geen wagenpark”, vatte ik het zakelijk samen. Onverstoorbaar ging het bbp verder. “Buildings, gebouwen”, ik was blij dat hij direct met de vertaling kwam. “Zakelijk, privé. Hoeveel vierkante meter?” “Nou niet genoeg vierkante meters om u gelukkig te maken” zei ik. Hij mompelde iets in zichzelf en toen duidelijk hoorbaar: “geen wagenpark en geen gebouwen. Privé niet en zakelijk niet”.
“Personeel”, zei hij opeens opgewekt als iemand die zojuist een familielid is kwijtgeraakt, maar bij de gedachte aan de erfenis ineens weer wat vrolijker wordt. Hij keek mij verwachtingsvol aan. Ik vond het niet aardig om te zeggen dat er na de laatste ontslagronde nog zo’n 750 man over waren; zelfs hij zou dan begrijpen dat er dan ook ergens gebouwen moesten zijn. “Geen personeel” zei ik, “éénmansbedrijf”. “Doet u alles helemaal alleen”?
Nu klonk er een soort wanhoop uit zijn stem. “Ik doe inderdaad vrijwel alles helemaal alleen” beaamde ik. “En dat wil ik graag zo houden”. “Ook geen personeel” mompelde mijn bbp droefgeestig voor zich uit.
“Denkt u dat u een geschikte tekstverwerker voor mij hebt”? vroeg ik voorzichtig. “We zij nog niet klaar” was het bevrijdende antwoord.
“Loonadministratie. Wie doet dat bij u en hoe wordt dat gedaan? Automatisch, half-automatisch of handmatig?” “Als een opdrachtgever mij heeft betaald, dan hoop ik na aftrek van de kosten nog wat over te houden. Die berekening is dermate eenvoudig, daar heb ik geen boekhouder voor nodig”. “Doet zijn boekhouding zelf” zij hij op zachte toon. Het andere blauwe pak maakte een tweede geslaagde koerscorrectie en begon de bevindingen op het formulier van mijn bbp hardop voor te lezen. Naarmate hij verder las werd zijn stem steeds zachter. Ook hij schudde nu zijn hoofd en ik antwoordde voordat hij iets kon zeggen: “adversis moveri nefas”, men mag zich niet door tegenspoed laten ontmoedigen”. Hij schudde nog een keer zijn hoofd, haalde zijn schouders op en maakte een draaiende beweging met zijn ogen. “Of uw collega heeft zojuist telepathisch contact met Bill Gates gehad, of hij gaat mij nu adviseren om mijn typemachines tot in lengte van jaren te blijven gebruiken” zei ik vrolijk tegen mijn bbp. “Ik weet nog steeds niet waarom u een pc wilt gebruiken”, zei bbp met een vermoeide blik. “Als u hem toch nergens voor gebruikt, zou ik hem niet aanschaffen als ik u was”. “Dus tekstverwerken op een pc in plaats van een typemachine is volgens u eigenlijk geen vooruitgang”? “Nou als u het leuk vindt om teksten op een pc te zetten moet u dat zeker doen, maar u doet uzelf en uw pc er wel mee tekort”. Er kan zo ontzettend veel meer met een paar goede programma’s op een pc, maar u wilt helemaal niets van alle mogelijkheden die ik heb genoemd, u wilt alleen maar teksten produceren”. “Ja, daarom ben ik vandaag hier gekomen, om uitgelegd te krijgen wat de voordelen zijn van tekstverwerken op een pc boven tikken op een schrijfmachine”.
Van een afstand groette ik de Oosterse schone en werd toch nog enthousiast.
Toen vervolgde ik mijn weg richting garderobe.
Jan Willem Duns
Amsterdam
mei 2010
Klik hier om terug te gaan naar het overzicht.
To buy or not to buy, that’s the question
> Bekijk alle artikelen